Natura Docet

Dankzij textielbaronnen, een wandelende meester en de katholieke kerk heeft Twente al meer dan een eeuw een bijzonder museum. Museum Natura Docet in Denekamp trok de aandacht van redacteur Job de Jonge omdat bezoekers hier kunnen kennismaken met honingbijen. Leren van de natuur is het thema van het museum. Luuk van Laar is de achterkleinzoon van één van de medeoprichters en liet het museum graag zien aan Job.

Luuk van Laar, foto Abe Maaijen
Meester Bernink foto website Natura Docet

Natura Docet
Dat de natuur de mens dingen kon laten leren, wist met al in de klassieke oudheid en in de bijbel. Zo vertelt koning Salomo dat de mens veel kan leren van de mieren als onderdeel van de schepping. De lerende natuur vinden we ook in de 21e eeuw terug en wel in Twente. Ik ben op bezoek bij Luuk van Laar, die verantwoordelijk is voor de educatie in Natura Docet. Luuk is vooral een bezielende praktische docent, die vanaf zijn jeugd al van het museum houdt, “Mijn overgrootvader was medeoprichter,” legt hij zijn betrokkenheid uit. Het museum werd in 1911 opgericht door Johannes Bernardus Bernink (1878-1954) onderwijzer uit Denekamp. Bernink wandelde veel rond Oldenzaal en verzamelde van alles uit de streek; planten, insecten, opgezette vogels en eieren. “Meester Bernink mocht deze verzameling onderbrengen in het Museum Natura Docet, dat hij oprichtte met steun van textielbaronnen, als de families van Heek, Scholten en Jannink en daarnaast de RK-kerk. De naam betekent de natuur leert.”Tijdgenoot van Thijsse en Heimans

“Bernink doet me denken aan Jac. P. Thijsse  en Eli Heimans”, zeg ik. Luuk: “Ja dat klopt. Bernink had veel contact met Thijsse, die hem ook wel dingen leerde. Bernink schreef ook over de natuur, bekend zijn Ons Dinkelland uit 1916, Twentsche Zangvogels uit 1928, Flora en Fauna in Overijssel uit 1931 en De keien onzer heiden uit 1942. Net als Thijsse gaf hij aan dat de natuur begin 1900 al in nood was.”
In het huidige museum zijn prachtige zalen ingericht met opgezette dieren en vogels, insecten, eieren, fossielen, stenen en zelfs een compleet samengesteld geraamte van een mammoet. 

kasten in museum gemaakr door Mr. Bernink, foto Abe Maaijen

Belevingstuin
Vanaf 2009 werd de tuin als ‘belevingstuin’ ingericht. Educatie in de geest van meester Bernink, zowel in het gebouw als in de museumtuin, werd de doelstelling. “Naast het vooral statische museum is de tuin meer dynamisch en interactief,” vertelt Luuk terwijl hij mij de tuin laat zien. “Bij de inrichting is rekening gehouden met de biotoop van het Dinkelland. ‘Door de terugkomst van het aantal soorten in de tuin is de biodiversiteit toegenomen, we zijn trots op de gevlekte orchidee en regelmatig zien we weer ijsvogels.” Er is inderdaad van alles te zien, te horen, te ruiken en te voelen voor zowel kinderen als volwassenen. Er zijn bijenhotels, bijenkasten, waaronder een observatiekast, maar ook een voedselbos en een lesbos oftewel lerend bos. Luuk laat de kleine biotoop zien die bij de vennen is ontstaan. “Kijk, hier groeit pilvaren, koningsvaren en klimmers, zoals hop en wilde clematis. Over het bruggetje ga je naar een houten ‘kijkdoos’, bedacht door de architect Bruno Vermeersch. We hebben een tuinman als vrijwilliger. Imker Ton Eisink verzorgt in en bij de zouttoren de bijenkasten en hij geeft voorlichting over bijen, wilde bijen en wespen. Trouwens, deze buisjes voor metselbijen zijn gemaakt van stengels van de invasieve exotische Japanse duizendknoop”.

Houten toten in de vorm van een zouttoren, foto Abe Maaijen

Positief bezig
Luuk houdt van lesgeven en vertelt over het aanbod voor lessen aan groepen en klassen met kinderen, zowel uit het basisonderwijs als uit het voorgezet onderwijs. “Er zijn veel mogelijkheden om kennis te maken met plant en dier, met biodiversiteit, met evolutie. Kinderen kunnen sporen zoeken, insectenhotels bouwen en vullen, leren over mieren, speciale bijen, zintuigen en motoriek, noem maar op. Veel inwoners hier in de omgeving zijn erg betrokken bij de natuur. In de omgeving van Denekamp was er grote verontwaardiging over een boer die glyfosaat op zijn land had gebruikt, het jaar daarna heeft hij het niet meer gebruikt. Kinderen van groep 6, 7 en 8 van de basisschool hebben  hier mogen inzaaien om vervolgens het resultaat te volgen.” Ook de Gemeente Dinkelland, waarbinnen Denekamp, Ootmarsum en Weerselo zijn gefuseerd, doet veel aan biodiversiteit, vertelt Luuk. De gemeente telde in 2019 een rapport op ten behoeve van de versterking van de biodiversiteit. De gemeente laat veel bermen op ecologische wijze maaien, besteedt veel aandacht aan de kwaliteit van de groenvoorzieningen en speelvoorzieningen in de gemeente Dinkelland. De Stichting Heemkunde en vogelwerkgroep “De Grutto” zetten zich binnen de gemeente Dinkelland in voor de bescherming van weidevogels en andere dieren.

Museum Natura Docet, foto Abe Maaijen

Vrijwilligers en ondersteuning
Natuurlijk zijn er ook tegenvallers vertelt Luuk “Er is altijd geld tekort, vooral bij dit soort natuurhistorische musea. De subsidies zijn sterk teruggeschroefd. Hierdoor zijn we van zeven naar drie man personeel teruggebracht. Gelukkig zijn er vrijwilligers en is er samenwerking met de Imkerverenigingen in Dinkelland en Oldenzaal. Het aantal bezoekers liep de laatste jaren terug, maar zit nu weer wat in de lift.” Op initiatief van een groep natuurliefhebbers is ruim 100 jaar geleden de Vereniging van Vrienden van Natura Docet opgericht. Nog altijd ondersteunt deze vereniging het museum, maar ik hoop dat er meer steun komt voor het museum, voor Luuk en de andere medewerkers van het museum. We leren van de natuur en dit museum is een van haar belangrijke leraren.

Eerder gepubliceerd onder de titel “Leren van de natuur in Twente”in Bijenhouden 17e jaargang nr 6 december 2023

Gepubliceerd door Job de Jonge

Hij is geboren op 8 juli 1949 in het Rotterdam in opbouw 9 jaar na het bombardement. Zijn overgrootouders waren geworteld in Schouwen-Duiveland, IJsselmonde en de Hoeksche Waard. Hun kinderen en kleinkinderen trokken naar de grote stad Rotterdam of werden er geboren, zoals beide ouders van Job.Op Zuid bezocht hij na de lagere school het Johannes Calvijn Lyceum. In Rotterdam ontmoette hij zijn huidige vrouw Ida de Waard. Met haar heeft hij twee kinderen, drie kleinkinderen en één op komst.Sinds 1968, het jaar van democratisering, studeerde hij medicijnen aan de VU. Na zijn artsexamen in 1975 specialiseerde hij zich als psychiater en psychotherapeut met een groot accent op de kinderpsychiatrie. 35 jaar werkte hij als zodanig. Daarnaast was hij actief als bestuurslid in zijn beroepsverenigingen. Nu met pensioen heeft hij veel meer tijd voor andere zaken, die hem al eerder bezighielden, zoals contacten leggen, innerlijke verdieping via yoga, werken in de tuin, werken met bijen, het zoeken naar voorouders en het op kleine schaal deelnemen aan maatschappelijke zaken zoals biodiversiteit en milieu. Hij houdt van geschiedenis, filosofie, kunst en muziek. De laatste jaren schrijft hij gedichten.

Geef een reactieReactie annuleren

Ontdek meer van Job de Jonge

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder